Kort antwoord
Wat mag er op uw Muiderbos-kavel? Van BVO en bouwlagen tot kapvorm, erfafscheiding, parkeren en waterafvoer: dit zijn de uitgangspunten uit het kavelpaspoort (26 januari 2026).
Muiderbos in Almere Duin vraagt om meer dan een mooi ontwerp. U heeft te maken met landelijke regels, het Omgevingsplan Almere, het Uitwerkingsplan Muiderbos, het Kwaliteitplan en een kavelspecifiek paspoort. In dit artikel vertalen we de belangrijkste uitgangspunten uit het kavelpaspoort DN4212-DN4221 (versie 26 januari 2026) naar ontwerp- en proceskeuzes die in de praktijk werken.
Vergunningen en Welstand - geactualiseerd op 27 februari 2026 - circa 12 minuten leestijd
Wat is leidend bij strijdigheid?
Maten in het kavelpaspoort zijn indicatief; de uitgiftetekening is leidend. Bij strijdigheid met het geldende Omgevingsplan geldt het Omgevingsplan als hoogste kader. Als een afwijking nodig is, kan aanvullende toetsing of een buitenplanse omgevingsvergunning (BOPA) nodig zijn.
Regelhierarchie in Muiderbos
- Landelijke regels: Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl), Omgevingswet en Burgerlijk Wetboek.
- Lokale regels: vigerend Omgevingsplan Almere en Uitwerkingsplan Muiderbos.
- Kavelspecifieke regels: kavelpaspoort en Kwaliteitplan Zelfbouwkavels Muiderbos.
- Ook bij vergunningsvrij bouwen blijven Bbl-eisen en lokale regels van kracht.
SRV-toets: drie toetsmomenten
Voor Muiderbos is de Stedenbouwkundige Randvoorwaarden-toets (SRV) opgesplitst in drie momenten. Daarmee wordt niet alleen het eindbeeld getoetst, maar ook de route ernaartoe: massa, kap, gevelopbouw, materiaal- en kleurstaat en inpassing op de kavel.
Voor regels met een ster (*) vraagt de gemeente expliciet uitwerking op tekeningen en/of kleur- en materiaalstaat.
BVO en maatvoering per kavel (DN4212-DN4221)
Voor deze reeks geldt een helder maximum per kavel. De BVO-grens wordt getoetst volgens NEN 2580 en geldt voor het hoofdgebouw (exclusief een eventuele inpandige berging tot 8 m2). Losse bijgebouwen of enkellaagse aanhangsels zijn niet toegestaan.
| Kavel | Kaveloppervlak | Maximale BVO |
|---|---|---|
| DN4212 | 170 m2 | 215 m2 |
| DN4213 | 245 m2 | 270 m2 |
| DN4214 | 326 m2 | 300 m2 |
| DN4215 | 200 m2 | 250 m2 |
| DN4216 | 240 m2 | 270 m2 |
| DN4217 | 185 m2 | 215 m2 |
| DN4218 | 240 m2 | 270 m2 |
| DN4219 | 200 m2 | 250 m2 |
| DN4220 | 200 m2 | 250 m2 |
| DN4221 | 240 m2 | 270 m2 |
Bouwlagen en hoogtes: twee profielen
- DN4212, DN4215, DN4217, DN4219 en DN4220: maximaal 3 bouwlagen, bouwhoogte max. 10,00 m, goothoogte max. 8,50 m.
- DN4213, DN4214, DN4216, DN4218 en DN4221: maximaal 2 bouwlagen, bouwhoogte max. 8,00 m, goothoogte max. 5,50 m.
Vormtaal: compact volume met asymmetrische kap
- Alle bebouwing blijft binnen het bouwvlak, inclusief ondergeschikte bouwdelen.
- De woning wordt als een compacte, heldere hoofdvorm ontworpen.
- Dakvlak en goten liggen achter de gevels; dakoverstekken zijn niet toegestaan.
- Een asymmetrische kap, haaks op de voorgevel, is verplicht.
- Plat dak, lessenaarsdak, zadeldak, tentdak, schilddak, gebogen kap, afgetopte kap en symmetrische mansardekap zijn niet toegestaan.
- De bovenste bouwlaag is een volwaardige woonlaag; de kap is geen extra verdieping.
- Dakkapellen passen niet binnen dit principe; een dakraam of dakvide als uitholling kan wel passen.
Entree en terras zijn onderdeel van het volume
- De hoofdentree wordt als uitholling over een bouwlaag vormgegeven.
- Diepte-eis entree-uitholling: minimaal 3,50 m vanaf zij-erfgrens en minimaal 6,50 m vanaf voor-erfgrens.
- Achterterras wordt als uitholling in het volume gemaakt, over een bouwlaag.
- Diepte-eis terras-uitholling: minimaal 1,50 m; breedte minimaal 40% van de achtergevel.
Gevel, detaillering en beeldkwaliteit
- Gevelopeningen worden als integraal onderdeel van een doorlopende huid ontworpen.
- Kavels DN4212, DN4217, DN4218 en DN4221 vragen extra aandacht op hoek/zijgevel richting straat of bos.
- Kleur, textuur en materiaal refereren aan natuur en aardse tinten uit het Kwaliteitplan.
- Doorvalbeveiliging van dakterrassen wordt in gevelmateriaal uitgevoerd.
- Zonnepanelen, regenpijpen en zonwering worden zorgvuldig geintegreerd.
Tuin, parkeren en waterafvoer
- Aan straatzijde is een levende haag met inheemse soorten verplicht, max. 1,00 m hoog, met aanleg- en instandhoudingsplicht.
- Bij stippellijnen bij voorkeur geen erfafscheiding; indien wel: schapenhek, max. 1,00 m.
- Achter de rooilijn wordt erfafscheiding uitgevoerd als begroeid klimraster, max. 1,80 m.
- Terras ligt minimaal 0,50 m boven maaiveld van het aangrenzende bosvak.
- Op eigen terrein minimaal 1 parkeerplaats van 2,50 x 5,00 m; garage telt niet mee.
- Adreszijde en positie van de inrit liggen vast; inritbreedte 3,50 m en niet te verplaatsen of te verbreden.
- Maximaal 80% van de onbebouwde kavelruimte mag verhard zijn.
Peilen en afwatering: vaak de grootste onderschatting
Voor Muiderbos ligt het voorlopige vloerpeil rond -2,30 tot -2,40 NAP (definitief peil bij vergunning). Regenwater wordt oppervlakkig afgevoerd naar straatzijde en boszijde. Voor DN4212 t/m DN4217 geldt specifiek dat dakwater alleen naar de straatzijde wordt afgevoerd. Dat vraagt vroegtijdig detailwerk in dakvlak, goten en terreinprofiel.
Daarnaast legt de gemeente op delen van de erfgrens kantplanken aan (ca. 50 cm boven bosmaaiveld). Ook daarvoor geldt een onderhouds- en instandhoudingsverplichting.
Vergunningstrategie: zo voorkomt u herontwerp
In Muiderbos wint u tijd door ontwerp en vergunning niet los te trekken. Als een plan buiten kaders valt, volgt vaak aanvullende toetsing of een BOPA-procedure. Door de spelregels vanaf schetsniveau mee te nemen, voorkomt u extra rondes, vertraging en onnodige kosten.
- Stap 1: kavelpaspoort, uitgiftetekening en Omgevingsplan naast elkaar zetten.
- Stap 2: massa, kapvorm, uithollingen en BVO eerst toetsen in SRV-logica.
- Stap 3: pas daarna detailleren op materiaal, waterafvoer, parkeren en erfgrenzen.
Van regels naar route
Wilt u weten welke vergunningroute in uw situatie het meest kansrijk is? Bekijk de pagina vergunning bouwen of verbouwen of start met een quickscan.






